Camp and Furnace in Liverpool, 30 juli. Blake opent met Thiago Silva. Niet met een langzame ballade, niet met een bekend refrein — maar met een track die zijn roots in de dubstep-scene blootlegt. Wie die avond verwachtte dat hij de set rustig zou opbouwen, had het mis.
Die keuze zegt iets. En als je de setlists van de afgelopen maanden naast elkaar legt, begint er een patroon zichtbaar te worden.
Twee verschillende shows, één artiest
De Noord-Amerikaanse shows in juni — Philadelphia, Toronto, Chicago, Berkeley, Los Angeles — hadden een bijna identieke setlist. Avond na avond opende Blake met Walk Out Music, gevolgd door Choose Me en Stop What You're Doing. Een volgorde die vertrouwen uitstraalt. Geen toeval, geen improvisatie — een bewuste dramaturgie.
Midden in die sets dook steeds Retrograde op, zijn meest herkenbare moment. Maar opvallender was hoe hij afsloot: Radio Silence als laatste nummer. Geen explosieve finale. Geen opzwepend einde. Gewoon: stilte als slotakkoord.
Liverpool was een ander verhaal. De set was korter, compacter. Titanium, Sprinter, CMYK — tracks die minder ruimte laten voor contemplatie. Een zaal als Camp and Furnace dwingt een andere energie af dan de openluchttheaters langs de Amerikaanse westkust. Blake speelt het venue, niet andersom.
Radio Silence als afsluiter: geen triomf, maar een vraag die in de zaal blijft hangen.
Wat Utrecht kan verwachten
Op 5 en 6 oktober staat Blake twee avonden in Utrecht. Twee shows op rij in dezelfde stad — dat is geen routinebeslissing. Het suggereert ofwel een grote lokale vraag, ofwel dat Blake de ruimte wil om iets te testen. Misschien beide.
De vraag is welke versie van de setlist hij meeneemt. De zorgvuldig geconstrueerde Amerikaanse versie met Doesn't Just Happen als voorlaatste nummer — een track die ook in Liverpool opdook — lijkt de vaste kern. Maar Liverpool toonde dat hij kan schakelen. Uk Rap en Tell Me verschenen daar, en nergens anders in de recente tourdata.
De Nederlandse shows zijn de eerste Europese data van deze cyclus. Dat geeft ze een ander gewicht.
Tickets voor de eerste avond zijn beschikbaar via Tickets kopen.
Elektronisch, maar niet afstandelijk
Blake wordt consequent gelabeld als elektronisch, experimenteel, dubstep — de Last.fm-tags zijn een optelsom van subculturen. Maar de setlists van juni onthullen een andere prioriteit. Godspeed, I'll Come Too, The Limit to Your Love: dat zijn songs die functioneren op kwetsbaarheid, niet op productietechniek.
De spanning tussen die twee kanten — de bewerkte elektronische texturen en de bijna onbeschermde vocale momenten — is precies wat zijn liveshows interessant maakt. Het is geen contrast dat hij probeert op te lossen. Hij laat het bestaan.
Trying Times dook in elke Amerikaanse show op, altijd in het laatste kwart van de set. Een bewuste plaatsing: op het moment dat het publiek al open is, zet hij er iets neer dat nog verder gaat.
Twee avonden, of toch één?
De dubbele datum in Utrecht roept de vraag op die elke concertganger zichzelf stelt bij twee opeenvolgende shows: ga je één keer, of twee keer? Op basis van de Noord-Amerikaanse tour is het antwoord niet zo simpel. De setlists daar waren opvallend consistent — maar Liverpool bewees dat Blake bereid is om te variëren als de context erom vraagt.
Een zaal in Utrecht is geen openluchttheater in Los Angeles. De akoestiek is anders, de nabijheid is anders, de verwachting van het publiek is anders. Of hij dat vertaalt naar een andere setlist: dat weten we pas achteraf.